Agra
Waar liefde in marmer is vereeuwigd
Agra
Agra is een stad in de Indiase
staat Uttar Pradesh. De stad is
gelegen in het gelijknamige
district Agra, aan de rivier de
Yamuna. De stad is zeer geliefd
bij toeristen wegens één
monument: de Taj Mahal
Oppervlakte: 121 km²
Inwoners: 1.585.704
Info
Agra
Agra, gelegen aan de oevers van de Yamuna-rivier in de deelstaat Uttar
Pradesh, is een van de meest iconische bestemmingen in India.
Hoewel de stad synoniem staat voor de Taj Mahal, biedt ze een schat
aan historische architectuur en geschiedenis daar ze ooit de hoofdstad
van het machtige Mogolrijk was en ze deel uitmaakt van de "Gouden
Driehoek": Delhi, Agra en Jaipur.
In een grote tuin aan de oevers van de Yamuna staat het wit marmeren mausoleum Itmad-ud-Daula, met de graftombe van Mirza Ghiyas Beg. Wie
nauwkeurig kijkt, ziet dat hier pietra dura, een decoratieve kunstvorm van mozaïek waarbij flinterdunne, gepolijste halfedelstenen met uiterste
precisie in uitsparingen van wit marmer worden geplaatst. De kwaliteit van het inlegwerk van dit mausoleum is zo hoog dat het wordt beschouwd als
een ontwerp voor de nog complexere decoraties van de Taj Mahal. In de oude stad zijn nog enkele ateliers waar pietra dura wordt vervaardigd.
Het immense verdriet van Shah Jahan, de vijfde Mogol-keizer, om het verlies van zijn grote liefde en politiek adviseur, zijn teerbeminde vrouw Mumtaz Mahal, was de motivatie voor de bouw van de Taj Mahal. Gevangengezet in het
Rode Fort van Agra in 1658 door zijn zoon Aurangzeb na een staatsgreep, bracht hij de rest van zijn leven door in een kamer met een klein raam dat uitkeek over de Yamuna-rivier naar de Taj Mahal tot hij in 1666 overleed en naast
de graftombe van zijn vrouw werd bijgezet. Zijn plan om een zwart mausoleum voor zichzelf te bouwen tegenover de Taj Mahal met een brug die beide oevers zou verbinden en die hun liefde symboliseerde, heeft zijn zoon nooit
laten uitvoeren.
De Darwaza-i-Rauza, de toegang tot de Taj Mahal, is opgetrokken uit rode zandsteen en gedecoreerd met witmarmeren inlegwerk en Arabische kalligrafische koranverzen. De Taj Mahal is het toppunt van Mogol-architectuur, een
mix van Perzische, Islamitische en Indiase stijlen. Het mausoleum staat op een marmeren platform dat bestaat uit tegels van wit marmer en rode zandsteen. Het schaakbordpatroon is een visuele weergave van de herinnering aan
de liefde voor zijn geliefde vrouw Mumtaz Mahal versus het verdriet om haar verlies. De muren zijn versierd met duizenden halfedelstenen zo in het marmer ingelegd dat ze complexe bloemmotieven vormen en op de bogen staan
Koranteksten in zwarte marmer. Hier staan de praalgraven van Shah Jahan en Mumtaz Mahal. Deze zijn rijk versierd en prachtig ingelegd met halfedelstenen en florale motieven. De echte rustplaatsen bevinden zich in een crypte
onder het gebouw. De centrale uivormige koepel wordt geflankeerd door vier kleinere koepels en vier 39 meter hoge, slanke minaretten op de hoeken van het platform. Negendertig is de leeftijd waarop Shah Jahan weduwnaar
werd. De minaretten staan heel licht naar buiten gebogen omdat ze bij een aardbeving niet op de koepel zouden vallen en om ze van op afstand kaarsrecht te laten lijken. Dat de Mogols geobsedeerd waren door bilaterale
symmetrie is duidelijk zichtbaar in de zandstenen gebouwen die de Taj Mahal flankeren. Hoewel ze op het eerste gezicht identiek lijken, hebben ze een andere functie. Het linkse gebouw is een actieve moskee en het rechtse
gebouw, het spiegelbeeld, is er puur voor de architecturale symmetrie. Vanuit elke hoek van het complex blijft het mausoleum haar perfecte symmetrische vorm behouden. De enige uitzondering hierop is het praalgraf van Shah
Jahan zelf, die later werd bijgezet.
De zonnestralen maken van de Taj Mahal een fonkelende diamant die zich weerspiegeld in de vele vijvers van het park. Het glanzend wit marmer
kleurt rozig in de ochtend en is stralend wit overdag. Wanneer de zon begint te zakken, drummen duizenden toeristen en gelovigen samen om het
wisselend spel van kleuren en tinten van het witte marmer te bewonderen. Het marmer krijgt eerst een zachte perzikachtige gloed die overgaat in
zilverachtig blauw als de zon onder is en als een sluier van eindeloze liefde goudachtig wordt bij maanlicht.